Sprekers

01

Zef Hemel

Zef Hemel (1957) is planoloog. Van 2001 tot 2004 was hij directeur van de Academie van Bouwkunst te Rotterdam. Sinds 2004 geeft hij als directielid leiding aan de Dienst Ruimtelijke Ordening van Amsterdam. Sinds januari 2012 bezet hij de Wibautleerstoel aan de Universiteit van Amsterdam als bijzonder hoogleraar Grootstedelijke Vraagstukken. Hemel studeerde Geografie aan de Rijksuniversiteit te Groningen en promoveerde in de Letteren aan de Universiteit van Amsterdam (1994) op het werk van stedenbouwkundige Cornelis van Eesteren in de IJsselmeerpolders.

Voorbij de adaptatie

Terwijl grote pretenties uit het verleden het gezag van de ruimtelijke planning stevig hebben ondermijnd, richt Zef Hemel zich op de kern van het vak: economie, ecologie, democratie en creativiteit. Hij is op zoek naar een planning die zich snel aanpast en profiteert van ongezochte gebeurtenissen. Zo'n radicaal nieuwe planning is noodzakelijk nu de wereld razendsnel verstedelijkt en zich van de ene crisis in de andere lijkt te storten. Vanwege de snel toenemende complexiteit is deze planning lokaal, ze speelt zich af op het niveau van individuele steden en buurten. De planning van de toekomst is dus niet langer nationaal, maar metropolitaan.

Volgens planoloog Zef Hemel heeft het verhaal de potentie de nieuwe drager te worden van fundamentele beslissingen voor een nieuwe vorm van samenleven. Na afloop van zijn lezing voor de tweede lichting stad.academici sprak Tim Prins met hem over het nieuwe stadmaken. Lees het interview hier of bekijk het filmpje onderaan.

Publicaties

2015
Z. Hemel (2015). The landscape of the Dutch IJsselmeer polders: Amsterdam and its food supply system, 1930-69. In D. Imbert (Ed.), Food and the city: histories of culture and cultivation (Dumbarton Oaks colloquium on the history of landscape architecture, 36) (pp. 123-141). Washington, DC: Harvard University Press.

Z. Hemel (2015). Stadstaat Nederland versus mondiale regionalisering: een beeld van groei en krimp. In W. Asbeek Brusse & P. den Hoed (Eds.), Koninkrijk der Nederlanden: contouren van de derde eeuw (pp. 59-69). Amsterdam: Amsterdam University Press.

Z. Hemel (2015). Nederland als ontwerp. In P. Brouwer (Ed.), Liber Amicorum Manfred Bock (Jaarboek Cuypersgenootschap, 25-29 (2013)) (pp. 27-31). Cuypersgenootschap.

2010
Z. Hemel (2010). Soft planning: medeplichtig aan een metropolitaan verhaal = Soft planning: collaborators in a metropolitan story. In M. Hajer, J. Grijzen & S. van 't Klooster (Eds.), Sterke verhalen: hoe Nederland de planologie opnieuw uitvindt = Strong stories: how the Dutch are reinventing spatial planning (Design and politics, 3) (pp. 140-153). Rotterdam: 010.

COLLEGES

Deze spreker heeft de volgende colleges dit jaar.

  • Module 1: Oriëntatie

    THE CIVIC ECONOMY

    Sprekers: Zef Hemel x

    VIER VRAGEN AAN ZEF HEMEL

    (Bekijk de video voor Zefs antwoorden of lees het interview hier)


    Vraag 01
    Ondanks dat alle gemeenteraden in en rondom Amsterdam akkoord zijn gegaan met de structuurvisie Amsterdam 2040, heb je vanavond niet iedereen weten te overtuigen van het participatief karakter van de planontwikkeling. Een deelnemer wilde weten, of zo’n proces ook stand houdt, als bijvoorbeeld Schiphol zich ermee bemoeit. Begrijp je de achterdocht?


    Vraag 02
    Ok, dus de grote BV’s gedragen zich anders en hun krachtige belangen worden zachter. Hoe ‘verhard’ je de belangen van stadmakers in het proces van gebiedsontwikkeling, zij hebben immers geen eigendom op de locatie en zodoende geen recht op de verbetering of waardecreatie?


    Vraag 03
    Onze civiele samenleving wordt door een grondwet gestut, hebben we nu een ‘grondverhaal’ nodig of zijn dat heel veel verschillende verhalen?Hoe blijf je kritisch op je positie bij stadsontwikkeling?


    Vraag 04
    Zie je een verband met het verhaal van Constant’s New Babylon?


    Vraag 05
    In ‘The Economy of Cities’ schrijft Jane Jacobs: ”Artificial symptoms of prosperity or a ‘good image’ do not revitalize a city, but only explicit economic growth processes for which there are no substitutes.” Zie je jouw utopie als vervanging voor wat er nu is, of vindt er nog een symbiose plaats?